Naar de oost


We hebben een boekje van de ANWB uit 1914 gevonden met als titel “Te voet van Amsterdam naar Arnhem”. Volgens overlevering de eerste Nederlandse lange afstandswandeling. De markeringen zijn al lang verdwenen en de route is in vergetelheid geraakt. Tot vandaag de dag  dan. De ANWB heeft de route afgestoft, herzien en van GPS-coördinaten voorzien. Nu, 99 jaar na dato, kan de route weer gelopen worden. Leuk om te doen. Bovendien sluit deze route mooi aan op het stuk van het Trekvogelpad naar Enschede dat we al eerder gelopen hebben. “Op pad!” zou men in 1914 zeggen.


1. Vecht- en Gooistreek 
Weesp - Hilversum, vrijdag 10 mei 2013, 20 km

Vandaag starten we in Weesp, een dorp met een wel zeer Amsterdamse uitstraling. Stedelijke woningen uit het begin van de 20e eeuw in een landelijke omgeving: Bijzonder. Weesp blijkt deel uit te maken van de Stelling van Amsterdam. Dit geeft Weesp nog meer karakter. Anders dan andere keren hebben we de route van vandaag niet erg goed voorbereid. We improviseren er op los. In Weesp
vinden we een bord met fietsknooppunten en bepalen aan de hand daarvan een deel van onze route: 45, 47, 46, 40, 39 en 38. Dat houdt in: eerst een stuk langs de Vechtlopen en dan dwars door de Ankeveense plassen naar Ankeveen. De Vecht is bij Weesp zeer breed en door de vele woonboten en de landhuizen langs de oever erg herkenbaar als “Vecht”. Halverwege, in een cafeetje in Ankeveen, nemen we een kop warme chocolademelk. Amsterdamse smartlappen wijzen op de invloed van Amsterdam op het leven alhier. Grappig om deze invloed op te merken. Na Ankeveen gaat de route dwars door weilanden met schapen naar de Hilversumse bossen. Door Hilversumse villawijken bereiken we eerst het bijzondere raadhuis van Hilversum en vervolgens het centrum. Het is gezellig in Hilversum, een leuk groot dorp dat nooit een stad geworden is.

2. Het pannekoekendorp van Nederland
Hilversum – Den Dolder, zaterdag 16 februari 2013, 16 km


Wij kiezen vandaag voor de etappe Hilversum – Den Dolder. We parkeren de auto bij station Hilversum Sportpark. Er ligt een groot parkeerterrein naast dit station, dat overigens niet aangegeven wordt. Je moet er op je gevoel naar toe rijden, want ook het station wordt niet aangegeven. Vanaf het station wandel je vrijwel direct onder de snelweg door de bossen in. Mooie, oude, afwisselende bossen met cultuurhistorische elementen zoals grenspalen Holland - Utrecht. Halverwege komen we in Lage Vuursche, het pannenkoekendorp van Nederland. Dit dorp heeft per hoofd van de bevolking de meeste pannenkoekenrestaurants van heel Nederland en misschien wel van de hele wereld. Dat wordt een kopje koffie met appelgebak in pannenkoekenlucht. We boffen dat het geen hoogseizoen is. De pannenkoekenlucht moet je dan al van verre tegemoet komen. In Lage Vuursche ligt het goed beveiligde Drakensteijn met metershoge hekken er om heen. Waarschijnlijk gaat Koningin Beatrix na haar abdicatie hier weer wonen. Toch gek om na 33 jaar trouwe dienst achter hekken opgeborgen te worden. De route door de bossen zet zich na Lage Vuursche over steeds kleinere paadjes voort. Tot we opeens in Den Dolder bij het station staan. Weer een prima etappe gelopen!

3. Twee Keizers
Den Dolder - Doorn, vrijdag 10 augustus 2013, 25 km

Vandaag vinden we sporen van twee keizers. Een Franse en een Duitse. Napoleon Bonaparte en Wilhelm II. Maar eerst wandelen we door villawijken in bossen in nederzettingen (want dorpen kun je dit behekte en dun bebouwde gebied niet noemen) met ronkende namen als Bosch en Duin en Huis Ter Heide. Bij Huis Ter Heide komen we op het traject van een oude spoorlijn terecht. Na even nadenken bedenken we dat dit de al lang opgeheven oude spoorlijn Utrecht – Zeist geweest moet zijn. (Thuis even controleren op Wikipedia: Ja hoor, de lokaalspoorweg is geopend in 1901 en opgebroken in 1941. Na de Tweede Wereldoorlog is de spoorlijn als goederenlijn weer geopend en definitief gesloten in 1972). Van Huis Ter Heide lopen we min of meer in een rechte lijn door de bossen naar de piramide van Austerlitz. Een bijzondere plek. Het ANWB-boekje uit 1914 besteedt veel aandacht aan de piramide. Tja, toen was het natuurlijk pas 100 jaar geleden dat Franse soldaten uit tijdverdrijf en ter meerdere eer en glorie van Napoleon deze hoop zand opwierpen. Nu is het weer 100 jaar later. De afgelopen jaren is er het nodige in de directe omgeving gekapt om de piramide beter tot haar recht te laten komen. Jammer dat de restauratie niet helemaal gelukt is. Helaas zijn er verzakkingen aan de zijkanten. Na een laatste blik op de piramide vervolgen we onze weg door de bossen via Maarn, onder de snelweg door naar Doorn, de laatste woonplaats van die andere keizer; Wilhelm II. Deze keizer kreeg in 1918 politiek asiel in Nederland en had  als hobby bomen kappen. Nou, hout genoeg in deze contreien.           

4. Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug
Doorn - Leersum, vrijdag 1 november 2013, 12 km

Een  korte etappe, een vluggertje vandaag. Omdat Doorn niet erg ver van huis is, kunnen we makkelijk voor een paar uurtjes de bossen van het nationale park Utrechtse Heuvelrug in. Toch een voordeel als je niet eerst een stuk hoeft te rijden voordat je op het beginpunt bent. De Utrechtse Heuvelrug is nog niet zo heel lang geleden als nationaal park aangewezen. Hekken zijn verwijderd en nieuwe paden zijn aangelegd. Hieronder een lang pad dat we meerdere keren tegenkomen. Genoemd naar de een of andere bestuurder van het nationaal park. Waarschijnlijk dient zo’n vernoeming om te voorkomen dat de persoon vergeten wordt. De naam van het pad ben ik overigens nu al kwijt. Hoewel de bossen mooi zijn missen we wat afwisseling in de vorm van leuke cultuurhistorische elementen. Het idee om een route uit 1914 na te lopen is wel aardig, maar wij vinden de hedendaagse LAW’s en streekpaden aantrekkelijker in elkaar zitten. Veel afwisselender en waarschijnlijk met veel meer research tot stand gekomen. We besluiten om de volgende keer over te stappen op het Utrechtpad en plannen de volgende twee etappes.       
   

5. Over het Utrechtpad naar de Grebbelinie
Leersum – Veenendaal de Klomp, vrijdag 17 januari 2014,20 km

Een afwisselende route met het nodige kijkwerk. Eerst kronkelen door bossen, heuvels en restanten van heidevelden, daarna langs de rand van Veenendaal en vervolgens een randje van de Gelderse Vallei. Het hoogste punt van Utrecht in het Amerongens Bos, een achtsprong met een oude eik in het midden en restanten van de Grebbelinie. Het verhaal van De Grebbelinie begint al lang geleden bij het verhaal van de Oud Hollandse en de Nieuw Hollandse Waterlinie. De Nieuw Hollandse Waterlinie werd later  opgewaardeerd tot Grebbelinie en – voor zover wij weten – tot het enige deel van de waterlinie dat daadwerkelijk dienst gedaan heeft in oorlogstijd. Ongeveer een dag of tien. Maar toch. Bij De Klomp doorsnijdt de spoorlijn Utrecht – Arnhem de oude forten. En, heel bijzonder, de forten worden nu ontdaan van allerlei vreemde bouwsels en krijgen nu in het kader van natuurontwikkeling weer een functie. Een bijzondere ervaring onderweg is het gratis kopje koffie onderweg. Halverwege in de buurt van een recreatiepark hebben we zin in een kopje koffie. Nergens een café te bekennen. Bij de receptie is men ons erg behulpzaam. Gratis verse koffie. Dank.  

7. De Kippenlijn en het middelpunt van Nederland
Barneveld - Lunteren, vrijdag 9 november 2012, 12 km


Al een hele tijd geen etappes aan ons groot wandelavontuur toegevoegd. Komt het omdat we na het bereiken van het eindpunt van het Trekvogelpad in april 2012 geen duidelijk vervolg meer zagen? Etappes aan het begin toevoegen kan ook. Vandaag een gemakkelijke route. Niet te ver van huis, lekker kort en een van-station-tot-station-wandeling. Makkelijker kan niet. Het is even puzzelen, maar dankzij de vele wandelsites op internet snel een geschikte route gevonden van het ene station aan de Kippenlijn naar het andere station aan dezelfde spoorlijn. De naam Kippenlijn komt zoals je kunt verwachten inderdaad van de grote hoeveelheid pluimvee in de omgeving van Barneveld. En inderdaad: kippen en ander pluimvee is hier overal aanwezig. Hoewel Barneveld niet ver van huis is, is het is hier toch echt al het oosten van het land. Zandgronden, stromende beekjes, reliëf en de boerderijen zien er anders uit. O ja, en kippen. De route (gedownload van een site van de gemeente Ede) is afwisselend. Coulisselandschap en bossen. Zandpaden en kronkelwegen. Leuk. Vlak voor het bereiken van Lunteren stuiten we op een grote steen die het Middelpunt van Nederland markeert. Een aardig idee, maar in onze tijden geen gegeven waar nog veel mensen iets in zien. 

8. Het buurtbos
Lunteren - Wolfheze, vrijdag 20 november 2009, 25 km

We kiezen Lunteren als startpunt van een nieuw wandelavontuur. De Veluwe is altijd mooi en lekker dichtbij. Daarna trekken we richting Oost-Nederland. Waar we uitkomen weten we nog niet precies. Het wandelboekje over het Veluwe Zwerfpad beschrijft veel wandelingen die bij een treinstation beginnen en eindigen. En is het praktisch om van station naar station te lopen. Wat is makkelijker dan de trein om na afloop van een lekker lange wandeling weer terug te keren naar de auto? 

Ieder plekje in Nederland heeft haar eigen verhaal. In Lunteren worden we al snel geconfronteerd met het verhaal van notaris J. H. Th. W. van den Ham die de Lunterse gemeenschap door een heideveld te laten beplanten een "buurtbos" heeft gegeven. Een bos waar iedereen uit de buurt mocht komen! De dankbare burgers hebben hem een heuse boom met bank gegeven en voor zichzelf heeft hij een uitkijktoren op een heuveltop gebouwd. Zo’n 100 jaar later genieten we er nog van. De route kronkelt erlangs en verder naar het Wekeromse Zand. De route is vrij goed gemarkeerd en we denken dat foutlopen haast uitgesloten is. Toch doen we dat. Lunteren ligt in een lus van het Veluwe Zwerfpad en kennelijk zijn we op het verkeerde spoor terechtgekomen. Ook mooi, maar het scheelt wel kilometers. In ons nadeel, vinden we. Het boekje brengt ons op het rechte pad. Ook letterlijk. Rechtdoor over de heidevelden van Planken Wambuis. Schotse Hooglanders, een kudde paarden en grafheuvels vergezellen ons. Een groot deel van de dag kunnen we zonder jas lopen. Zo zacht is het. En dat op 20 november. De Veluwe is erg mooi, maar wat ons betreft zouden er iets meer cafeetjes onderweg mogen zijn. Nu lopen we min of meer non-stop door en af en toe een pauze zou wel erg lekker zijn. Vlak voor Wolfheze gaan we door een tunneltje onder de A12 door. We vragen ons af of dit het tunneltje is waar de ontvoerder van de broer van Albert Heijn zijn losgeld heeft gekregen. Het zou zomaar kunnen, maar het blijft voor ons gissen. Vermoeid bereiken we het station van Wolfheze, waar gelukkig het door ons langverwachte cafeetje direct naast het station ligt. Goed geregeld. 


9. Winterwandeling door bossen vol historie
 Wolfheze- Arnhem, vrijdag 29 januari 2010, 18 km

Ondanks de wat mindere weersverwachtingen trekken we eropuit om ons pad te vervolgen. Soms kloppen de weersverwachtingen. Zo ook vandaag. Het miezert eigenlijk de hele dag. Afgewisseld met lichte sneeuwbuien. Ondanks het weer is het lekker om buiten in de bossen te zijn. Okee, overal liggen nog sneeuwhopen en ijsresten waardoor het soms verraderlijk lopen is en je af en toe dwars door het bos in plaats van over het pad je weg moet banen. Het buiten zijn is fijn vanwege de heerlijk frisse lucht en de werkelijk prachtige route, vol historie,  die we vandaag volgen. Al snel na Wolfheze stuiten we op een gangetje onder de spoorlijn, waar volgens het begeleidende informatiebordje tijdens de Tweede Wereldoorlog de geallieerden met kanonnen zijn getrokken om hun collega’s die per parachute gedropt waren te helpen. Dat dat niet goed uitgepakt heeft, zien we met eigen ogen enkele kilometers verderop waar de Airborne oorlogsbegraafplaats ligt. Rijen en rijen graven. Al eerder loopt de route bij Wolfheze langs een heel ander soort graven: grafheuvels uit de prehistorie. Heel duidelijk herkenbaar in het landschap. We zijn al vaker grafheuvels in Nederland tegengekomen en eigenlijk verbazen we ons er over dat je op school alleen over de hunebedden in Drenthe leert en niets over al die andere grafheuvels. Bij Wolfheze stuiten we ook op Wodanseiken. Mooie grillig gevormde bomen, maar anders dan de naam doet vermoeden slechts zo’n 450 jaar oud. Beroemde schilders schijnen ze geschilderd te hebben, al is hun naam me ontschoten. Na Oosterbeek slingert de route langs kasteeltjes en door parkbossen met bekende namen. Mede door het reliëf is de route erg afwisselend en ziet het er allemaal prachtig uit. Een van de kasteeltjes is het hoofdkwartier van het Gelders Landschap. We zien er mensen aan het werk. Een compleet andere werkomgeving dan de onze. Door het landgoed Sonsbeek, dat omstreeks 1900 als eerste van Nederland de bestemming stadspark kreeg, bereiken we het centrum van Arnhem. Bijzonder hoor om direct vanuit de bossen een stadscentrum in te wandelen. In Arnhem is voldoende gelegenheid om een consumptie te nuttigen. We maken dankbaar gebruik van deze voorziening.                                

10. Kennismaking met het Maarten van Rossumpad

Arnhem - Dieren, vrijdag 23 juli 2010, 23 km

Deze etappe hoort tot de top drie van de mooiste wandeletappes door de Benelux! Mooi, afwisselend, veel natuur, maar ook cultuur en een vleug historie. Zodra je het station van Arnhem aan de noordzijde uitkomt begint het al: Sonsbeek. Bijzonder dat zulke mooie natuur tot in het hart van een grote stad komt en dat dit gebied nooit ten prooi aan projectontwikkelaars gevallen is. Daarom kunnen we nu door een prachtig parkbos richting Rozendaal lopen. Voor vandaag maken we een combinatie van het Veluwe Zwerfpad (dat we vanaf Lunteren volgen) en het Maarten van Rossumpad. Het Veluwe Zwerfpad kronkelt teveel naar onze zin en we hebben niet de indruk dat de route er mooier of bijzonderder door wordt. Eerder het tegendeel. Het lijkt erop dat het Zwerfpad zoveel mogelijk bomen wil meepakken, terwijl het Maarten van Rossumpad langs een aantal hoogtepunten loopt. Na Sonsbeek brengt het Maarten van Rossumpad ons in de Geitenkamp, een bijzondere wijk waar we nog nooit van gehoord hebben en waar Wikipedia het volgende over zegt:

“Geitenkamp is gebouwd op de stuwwallen van Arnhem die zijn ontstaan in de laatste ijstijd. De Geitenkamp is een bijzondere wijk, omdat deze behoort tot de zeldzame voorbeelden van pittoreske stedenbouw in Nederland en is opgezet als tuindorp. Mede door deze opzet, de hoogteverschillen en bouwwijze van huizen en poortjes is Geitenkamp onderscheidend.”
Dat weten we dan ook weer. Na de Geitenkamp lopen we door naar Rozendaal. De kleinste nog zelfstandige gemeente op het vasteland van Nederland. Zou het grote aantal welvarende inwoners hiermee te maken hebben? Rozendaal is echt een plaatje: Kasteel met park, Swiebertje-stadhuis en kinderen in schooluniformpjes. Na Rozendaal de bossen en de heidevelden in. Het gebied waar de Posbank in ligt is on-Nederlands mooi. Op Zuid-Limburg na vind je hier de steilste op hoogste heuvels van Nederland. Hoewel de bewoonde wereld dichtbij is zien de bossen, heidevelden en heuvels er groots en oneindig uit. Na de Posbank volgen de Onzalige Bossen en vinden we het Koningpad dat ons in een lange rechte lijn rechtstreeks naar Dieren brengt. Rechtstreeks? Dat is betrekkelijk. Onderweg drinken we wat in de Carolinahoeve, waar Wim Kan en zijn Corrie Vonk 26 jaar vaste gasten waren. Nog steeds is de Carolinahoeve alleen te voet, per fiets of te paard bereikbaar.

11. Ploegen door de sneeuw
•  Dieren - Brummen, vrijdag 10 december 2010, 20 km

Tot onze schrik bemerkten we dat we dit jaar pas twee etappes van ons wandelpad hebben gelopen. Hoog tijd om weer een etappe te gaan lopen! Het wordt vandaag een combinatie van het Veluwe Zwerfpad en het Trekvogelpad. Het eerste stuk, het Veluwe Zwerfpad, loopt door eindeloze besneeuwde bossen. Er ligt veel meer sneeuw dan bij ons thuis. Dat betekent 10 kilometer lang ploegen door de sneeuw. Je moet je voeten veel hoger optillen dan je gewend bent en dat betekend spierpijn aan het end. Het is heel erg mooi en - niet verwonderlijk – we komen 10 kilometer lang niemand tegen in deze verstilde wereld. Halverwege veranderen we van richting en lopen we naar Eerbeek. Het dorpje is een voormalig industriestadje en dat zie je nog goed. Gelukkig is er een gelegenheid om een warme kop chocolademelk te nemen. Daarna vervolgen we onze route en komen we in een afwisselend mooi gebied rond het plaatsje Hall. Nooit van gehoord. Wel leuk. In het hele gebied is er een wirwar van wandelpaden, streekpaden en LAW-paden, met allemaal een eigen markering. Een boekje en/of de GPS is daardoor onontbeerlijk. De bossen zijn hier minder dicht en worden afgewisseld met open velden. Er ligt hier minder sneeuw. We lopen daardoor gemakkelijker. Station Brummen is het eindpunt. De trein brengt ons in 5 minuten terug naar Dieren.


12. Bronkhorst en Bronckhorst
Brummen- Vorden, vrijdag 4 maart 2011, 18 km

Een mooie dag; goed weer om te wandelen. Zoals gebruikelijk zetten we de auto bij een station neer - makkelijk voor de terugweg – en gaan we van start. Vrijwel direct lopen we de IJsselvallei in. Aan het prikkeldraad hangt veel gras. We veronderstellen dat het water de afgelopen winter zo hoog is gekomen en het gras hier achtergelaten heeft. Dat is nu nauwelijks voor te stellen. Een andere verklaring kunnen we niet bedenken. Een pontje brengt ons in éen van de kleinste stadjes van Nederland: Bronkhorst. Het ziet er een beetje als een openlucht museum uit, waar ook de details, zoals wegwijzers en brievenbussen, van jaren geleden dateren. We begrijpen van de mensen die we hier tegenkomen dat we boffen. ’s Zomers is het hier erg druk en kun je over de hoofden lopen. Nu is het er prachtig! De rest van de dag blijven we wandelen in Bronckhorst. De gemeentes worden steeds groter en Bronckhorst is hierop geen uitzondering. Alleen maf dat de gemeentenaam een extra “c” kent. Dat is vast bedacht omdat dit chiquer staat. De wandeling van vandaag is erg afwisselend. We lopen langs een beek, komen herenhuizen en kastelen tegen, een waterradmolen, een enorm grote katholieke kerk in een klein dorp (de Willibrorduskerk, naast het Ludgerusgebouw in Wichmond), bossen en velden. Wij vinden het coulissenlandschap een van aantrekkelijke punten van dit gebied. Hierdoor zijn er altijd weer opnieuw mooie doorkijkjes. Een ander aantrekkelijk punt is dat de dorpen niet van die eindeloze kleurloze nieuwbouwwijken kennen die overal in Nederland te vinden zijn. Een voordeel van de Achterhoek. Leve de bevolkingskrimp zou je haast zeggen. De etappe van vandaag eindigt in Vorden. Tien jaar geleden zijn we hier met het Pieterpad doorheen gekomen. Het kasteel is geen gemeentehuis meer, maar is nu particulier bezit. En er staat een nieuw Pieterpadmonument. Als we het goed begrijpen zijn de voetstappen van  Toos Goorhuis en Bertje Jens in beton gegoten. Toos en Bertje hebben velen geïnspireerd te gaan wandelen. en dat is een monument waard. Voor ons zit de etappe er op. De wandeling wordt zeker vervolgd. Geïnspireerd door Toos en Bertje?   

13. Op een zomerdag in april langs de kastelen 
•  Vorden - Borculo, vrijdag 22 april 2011, 25 km

Op deze mooie warme zomerdag in april (ruim boven de 25° C) wandelen we weer in de Achterhoek. Je ziet de blaadjes aan de bomen gewoon groeien. Zo snel gaat de natuur. Dat prille frisse groen van de bomen is erg mooi en het bladerdek is nog niet zo dicht dat je niet door de bomen heen kunt kijken. Het landschap in de Achterhoek is zeer fraai. Kleinschalig, afwisselend bossen en weilanden en veel onverharde wegen. Die onverharde wegen zijn behoorlijk recht, maar toch vervelen ze niet omdat het landschap zo afwisselend is. En met de zon ziet alles er natuurlijk helemaal fantastisch uit. Wel was het vandaag even zoeken naar het juiste pad. Om een aantal redenen was het puzzelen. We vonden de mogelijke eindpunten van de etappe voor vandaag of te dichtbij (Ruurlo op zo’n 13 kilometer van Vorden), of te ver weg (Eibergen op 32 kilometer). Het alternatief Borculo (op zo’n 25 kilometer) stond niet op de kaart en was allen te vinden toen we er een grotere kaart bij pakten. Andere puzzel was het vinden van het juiste pad. We hebben een wat ouder wandelboekje met daarin het Gelrepad en een GPS met de nieuwste variant (het Trekvogelpad). De markeringen in het veld zijn vandaag niet altijd even duidelijk. We zijn een paar keer fout gelopen. Oude markeringen worden kennelijk niet verwijderd.  Hierdoor hebben we soms op het oude pad en soms op het nieuwe pad gelopen. Bij Vorden kruisten we bovendien het Pieterpad. Dus geen gebrek aan witrode markeringen. Het maakt natuurlijk allemaal niet zoveel uit. We zijn de hele dag lekker buiten in een mooie omgeving met fantastisch weer. Halverwege in Ruurlo pakken we – nadat we het kasteel van Ruurlo op een afstandje bewonderd hebben - wat fris op een terrasje, dat bijna helemaal vol zit. Alleen in de volle zon is er nog plek. Maf hoor om in april de volle zon proberen te vermijden. Na Ruurlo door naar Borculo. Weer een aardig stadje, waar we nog nooit waren geweest, met leuke terrasjes. Een biertje gaat er nu wel in. Wat zijn er toch veel mooie plekken in Nederland.  

14. Een rijke streek 
Borculo – Langelosche Veld, vrijdag 30 december 2011, 21 km

Aan de vele fraaie huizen en mooie boerderijen te zien, moet de Achterhoek een rijke streek zijn (geweest). Vol verbazing bekijken we vele mooie oude huizen in een plaats als Eibergen. De Achterhoek is misschien niet zo heel bekend, maar wij vinden dit gebied een van de mooiste streken van Nederland. De verschillende dorpen liggen op prettige wandelafstand van elkaar, de wegen en paden zijn rustig en het landschap is erg afwisselend. Dan weer bossen. Dan weer weilanden. Veel stromende beken en heel af en toe een watermolen. Vanuit de Randstad gezien is de Achterhoek vrij ver weg. De Veluwe is voor Randstedelingen dichterbij. Waarschijnlijk is dit de oorzaak van de relatieve rust in de Achterhoek. Omgekeerd houdt de grote afstand van de Achterhoek tot de Randstad dreiging van bevolkingskrimp in. Jongeren trekken weg - op zoek naar werk - en laten dorpen achter waar voorzieningen onder druk komen te staan. Voor de streek valt te hopen dat anderen op de relatief goedkope woningen af komen en hierdoor voor levendigheid zorgen. 
Wij wandelen aan de hand van een oud wandelboekje: Het Gelrepad, een van de voorlopers van het huidige Trekvogelpad. Dat gaat meestal goed, maar vandaag niet. De route is na Eibergen verlegd. Dat betekent voor ons extra kilometers. Vooral ook omdat ons eindpunt vandaag een bushalte aan de Vloedsteegweg is die zo’n twee kilometer ten westen van de oude route ligt. We waren vandaag wat laat vertrokken. Dit betekende dat we aan het eind van de wandeldag half in de duisternis liepen. Zo rond 5 uur is het in dit jaargetijde in de bossen al aardig donker…

15. Op weg naar het nieuwe eindpunt van het Trekvogelpad 
Langelosche Veld - Usselo, vrijdag 27 april 2012, 25 km

De LAW wandelroutes worden voortdurend vernieuwd. Ieder keer worden er weer verbeteringen aangebracht, er worden mooiere paden gevonden, maar er wordt ook gebruik gemaakt van nieuw aangelegde wandelpaden. Die nieuwe wandelpaden worden aangelegd om het toerisme te bevorderen, waarmee ingespeeld wordt op de trend dat mensen steeds meer wandelen. Natuurontwikkelingsprojecten bieden de kans om nieuwe wandelpaden aan te leggen. En misschien zijn er ook wel Europese subsidies voor natuurontwikkeling of iets dergelijks waaruit nieuwe wandelpaden bekostigd kunnen worden. Het Trekvogelpad, dat nog niet zo heel lang bestaat, heeft tussen Eibergen en Enschede een hele nieuwe route en een  nieuw eindpunt gekregen. Het Trekvogelpad eindigt nu in Usselo, een klein dorpje vlak bij Enschede, in plaats van bij een bushalte in een anonieme buitenwijk van Enschede. De GPS - coördinaten van nieuwe routes zijn vrij gemakkelijk te downloaden. De extra informatie die een wandelboekje geeft over de omgeving missen we wel een beetje. Ook is het moeilijker je te oriënteren. Waar ben je precies en hoe ver is het nog? Als je de route van vandaag loopt, valt heel goed te begrijpen dat de route verlegd is. Een mooiere en afwisselendere route dan die van vandaag valt nauwelijks te bedenken. Tijdens de wandeling valt goed te zien dat dit gebied een uithoek van Nederland was en is. Veel heide, bossen, vennen, beekjes en velden. En weinig verstoring in de vorm van onaangename bebouwing en/of grote drukke wegen. In het natuurgebied onder Haaksbergen is Staatsbosbeheer (of een andere natuurclub) flink aan de gang geweest. Er is een klimaatbos aangelegd, er is natuurkunst gemaakt (of hoe dat ook mag heten) en door een uitgestrekt heidegebied is een lange wandelbrug op poten gemaakt. Zo wordt de natte kwetsbare ondergrond niet kapot gemaakt en is het toch mogelijk optimaal te genieten van het gebied. De landschapskunst voegt wat toe aan de natuur. Opeens staat er een grote houten boog op een dijk mooi te wezen. Vervolgens loopt de route onder een tunneltje door om daarna over stapstenen door een vijver verder te gaan. Het maakt de wandeling bijzonder.