Het Krijtlandpad
Een rondje Zuid-Limburg

Zuid Limburg is beslist één van de aantrekkelijkste, exotische, nabije streken met de veel landschappelijke details en een gemoedelijke sfeer. Dat ervaar je tenminste wanneer je het Pieterpad (en de GR 5) van Pieterburen tot aan de Franse grens gevolgd hebt. Het Krijtlandpad doorkruist Zuid Limburg van west naar oost en van oost naar west. In Zuid Limburg is Nederland misschien maar zo’n 40 kilometer breed. Op eenvoudige wijze kun je daardoor Nederland van west naar oost doorkruisen.

Maastricht – Slenaken vrijdag 31 mei 2002, 30 km

Op een zeer zonnige vrijdagmorgen lopen we Maastricht uit. Langs de Maas naar het zuiden. Het zeer stedelijke Ceramique-gebied geeft Maastricht een nieuw 21e eeuws gezicht naast het bekende oude stadshart. Het gouvernement ligt in de Maas en markeert de overgang tussen stad en land. Langs de Maas is veel aan natuurontwikkeling gedaan. Hier loopt dan ook een exotische paardenras: Koniks. Langs de Maas bereiken we Eijsden, een karakteristiek riviergrensstadje met een geheel eigen sfeer. We stuiten hier ineens op een grenspaal in de uiterwaarden. Hoewel het onwaarschijnlijk lijkt dat hier echt de grens loopt, besluiten we na het bestuderen van de kaarten dat het toch wel zo zal zijn. De grens kronkelt sterk en ligt niet in het midden van de Maas. Stukken uiterwaard op de oostoever zijn wel degelijk Bels.


Na Eijsden loopt het pad echt naar het oosten en beginnen de heuvels. Deze streek is toch echt heel anders dan de rest van Nederland. Uit het reisgidsje begrijpen we dat het een zekere toevalsfactor is dat Limburg bij Nederland hoort en niet bij België. Als een of andere generaal in Venlo of een andere in Maastricht in 1839 een andere beslissing had genomen hadden we nu niet in Nederland maar in België gelopen. Een stukje verderop doen koeienbellen ons geloven dat we in Zwitserland zijn aangeland. In het plaatsje Mheer ontdekken we in de hoofdstraat het huisje dat ook de achterkant van het boekje siert. Altijd goed voor een foto. Via Mheer komen we vervolgens in Noorbeek waar we in het café van Sint Brigidda een ice-tea-tje nemen. Hoewel de goede Sint Brigidda al lang dood is heeft ze nog invloed in deze streek. Aan het einde van de dag zien we Slenaken liggen. Uit de verte lijkt het dorp dat in een besloten dal ligt niet groot. We bereiken Slenaken via een hele holle weg. Het is eigenlijk onbegrijpelijk dat de zijkanten van de weg niet gewoon instorten. Het is wel duidelijk dat die zijkanten goed onderhouden (moeten) worden. Op de camping in Maastricht settelen zich enkele teams van een Duits voetbalelftal. Met speciale gietertjes proberen ze het record bierdrinken te verbeteren. En wat al niet meer. Hoe dan ook: het maakt tot diep in de nacht een hoop herrie.

 

Slenaken – Nijswiller zaterdag 1 juni 2002, 30 km

Na een wandeling door het Bovenste en Onderste bos opent het landschap zich voor ons. Via een slingerweg door de velden dalen we af richting Epen. Even verdwalen we een beetje. De markering is weg en we moeten kiezen tussen linksaf, rechtsaf en rechtdoor. We kiezen voor de mooiste route, dwars tussen de gele bloemen door. Als we het juiste pad weer gevonden hebben moeten we stijl omhoog. Geen probleem. Wel een probleem is dat we klimmend en dalend veel omwegen en slingers moeten maken. Het Krijtlandpad lijkt hier op zo’n manier uitgezet te zijn dat je toch vooral geen enkel mooi plekje mist. Onverwacht stuiten we op een authentiek oud Limburgs tafereeltje. In de schaduw van een oude boom met kruisbeeld zit een oud mannetje te bidden. Dan beginnen we aan de grootste klim: die naar het hoogste punt van Nederland. Daar valt het niet mee het hoogste punt te onderscheiden van het drielandenpunt. Ooit is dit punt zelfs een vierlandenpunt geweest: Naast Duitsland, België en Nederland kwam hier ook de onafhankelijke zone van Moresnet in een punt samen. In het wegdek valt dit nog te zien. Nu kun je met een hand zowel Duitsland, België als Nederland aanraken. 


Voor de echte langeafstandswandelaar is de route toch een beetje nep. Je loopt in een cirkeltje. Urenlang zie je Vaals liggen. Eerst aan je linkerhand, later aan je rechterhand. Toch iets om te onthouden voor een volgende keer: een rechte lijn ligt ons meer dan een cirkel. Het is warm en we zijn moe. Nabij het einde van de 2e dag, bij het plaatsje Vijlen snijden we een stukje af. Dat komt ons bijna op een groot stuk omlopen te staan. Maar het valt allemaal erg mee en spoedig zitten we op een terrasje in Nijswiller.

 

Nijswiller – Valkenburg zondag 2 juni 2002, 20 km

Zondagochtend, na een nacht heerlijk te hebben geslapen zonder het geluid van opgefokte Duitse tieners, breken we de tent af en parkeren we de auto te Nijswiller om de route te vervolgen. We komen in de versierselen van een processie terecht. We hebben op dat moment nog niet door dat de processie nog niet langs gekomen is. Dat horen we pas als we boven het dorp zijn, wanneer muziekklanken opstijgen. De route gaat vaak over onverharde paden. Soms dwars door een graanveld en één keer zelfs door een weide vol met stieren. Dan ben je toch blij dat je godzijdank heelhuids het hek weer bereikt hebt. Jammer dat in Nederland niet op meer plaatsen het “right of way” geldt. 



In het Gerendal, bekend om zijn rijke flora, was een open dag van Natuurmonumenten. Daar hoorde een demonstratie van herdershonden bij. Leuk om te zien hoe goed de honden luisteren en hoe gedwee de schapen zich laten leiden door die honden. Overal in Limburg zien we wegkruisbeelden en geel witte versierselen die duidelijk met religie te maken hebben. Dat het niet alleen overblijfselen van vroeger zijn valt af te leiden uit de verse bloemen waarvan veel wegkruisbeelden zijn voorzien. Vermoeid, maar voldaan komen we in Valkenburg aan. Hier besluiten we om niet door te lopen naar Maastricht maar er lekker bij te gaan zitten en het glas te heffen.

 

Eind goed, al goed: Valkenburg